Belang rustige ademhaling – C.Noordam

Het belang van een rustige ademhaling – promotieonderzoek Camielle Noordam

ABSTRACT

Het belang van een rustige ademhaling – promotieonderzoek Camielle Noordam

In Afrika sterft 1 op de 12 kinderen voor zijn vijfde verjaardag, een longontsteking is verantwoordelijk voor maar liefst 16% van deze sterftes. De “World Health Organization” (WHO) beschrijft in het ‘Integrated Management for Childhood Illness (IMCI)’ protocol dat community health workers een ongecompliceerde longontsteking kunnen herkennen aan de hand van de ademhalingsfrequentie van het kind. Uit het promotieonderzoek blijkt echter dat dit voor de meeste gezondheidsmedewerkers erg lastig is. Daarnaast blijkt uit nationale survey data van verschillende Afrikaanse landen dat slechts 30% van de moeders op de hoogte is van het feit dat zij zorg moet zoeken als een kind een snelle ademhaling heeft en/of moeite heeft met ademhalen. Met bijna één miljoen sterftes per jaar en de complexiteit omtrent het tijdig herkennen van deze ziekte, is het dus van groot belang dat er meer aandacht komt voor deze grootste ‘killer’. Naast preventieve maatregelen en het verbeteren van de kennis omtrent deze ziekte, is een belangrijke vervolgstap het ontwikkelen en implementeren van (simpele) diagnostische hulpmiddelen voor longontsteking.

Het onderzoek richt zich ook op de potentie van mHealth (mobiele technologie in de medische zorg), en illustreert dat de knelpunten binnen het al dan niet bereiken van zorg vaak complexer zijn dan alleen gerelateerd aan communicatie. Lees hier de Nederlandse samenvatting. Indien u een kopie van het proefschrift wilt ontvangen stuur dan een mailtje naar: acnoordam@hotmail.com.

 

 

NEDERLANDSE SAMENVATTING

Toegang tot zorg voor kinderen jonger dan vijf jaar in landen ten zuiden van de Sahara waar sterfte als gevolg van longonsteking hoog is

Ondanks de verbeterde toegang tot gezondheidszorg, sterven jaarlijks nog steeds miljoenen kinderen reeds voor hun vijfde verjaardag. Kinderen in Afrika die leven ten zuiden van de Sahara lopen de grootste kans op sterfte, vooral als gevolg van infecties – waarvan de meest voorkomende een longontsteking is. Omdat de kans op herstel gerelateerd is aan de snelheid waarmee medische hulp wordt verkregen, is het doel van dit proefschrift om beter inzicht te krijgen in de redenen waarom kinderen met symptomen van een longontsteking te laat medische zorg ontvangen. Toegang tot medische zorg wordt in dit proefschrift onderzocht aan de hand van drie fasen van het zorgproces: ‘het besluit om zorg te zoeken’ (fase 1); ‘het bereiken van zorg’ (fase 2); en ‘het ontvangen van medische zorg’ (fase 3). Bovendien wordt onderzocht wat de mogelijkheden zijn van mHealth (mobiele technologie in de medische zorg) om het gevonden uitstel tot medische zorg terug te dringen.

De drie fasen van uitstel tot medische zorg

Van de vele mogelijke oorzaken van het wel of niet zoeken van medische zorg, concentreert dit proefschrift zich op de relatie tussen kennis en het zoeken van zorg; slechts 30% van de (potentiële) zorgvragers kennis heeft van één van de twee belangrijkste symptomen van een longontsteking (namelijk een snelle ademhaling en moeite hebben met ademhalen). En kennis van deze symptomen leidt niet per se tot beter zoekgedrag naar medische zorg. Het zoeken naar medische zorg is zo complex omdat het geassocieerd is met veel verschillende factoren, waaronder de emancipatie van de zorgvrager, de afstand tot een zorginstelling en het herkennen van relevante symptomen. Kennis alleen is onvoldoende om de besluitvorming te verbeteren. Hieraan gerelateerd laat dit onderzoek zien dat het zoeken en bereiken van medische zorg erg varieert, zowel binnen landsgrenzen als tussen die aangrenzende landen in Afrika waar kindersterfte als gevolg van een longontsteking hoog is. Ter illustratie: in Tanzania bereikt 85% van de kinderen met symptomen van een longontsteking een medische voorziening, terwijl dit in Ethiopië maar 30% is. Naast grote verschillen zijn er ook overeenkomsten; zo blijkt dat de meerderheid van de zorgvragers medische hulp zocht binnen de eerstelijns gezondheidszorg. Desondanks vonden veel zorgvragers hun weg naar onbevoegde hulpverleners, zoals geprivatiseerde apotheken en traditionele beroepsbeoefenaars, vooral in de Democratische Republiek Congo (DRC) en Nigeria kwam dit vaak voor. Ook blijkt dat, met uitzondering van DRC en Oeganda, arme zorgvragers vaker vertraging oplopen in het bereiken van medische hulp. Ook illustreert onze analyse dat er in afgelegen gebieden minder vaak medische hulp wordt gezocht dan in stedelijke gebieden. Voor een gedeelte is dit verschil te verklaren uit het feit dat zorgvragers die wonen in afgelegen gebieden relatief vaker een lager opleidingsniveau en minder inkomen hebben. Tot slot blijkt dat ‘community health workers’ veel moeite hebben met het herkennen van een kind met symptomen van een longontsteking, middels het vaststellen van een snelle ademhalingsfrequentie. Aan de hand van gegevens van verschillende hulporganisaties blijk dat het gebruik van goed ontworpen kralen het correct vaststellen van het al dan niet overschreiden van de drempelwaarde van de ademhalingsfrequentie kan verbeteren, voornamelijk bij degenen die moeite hebben met cijfers en getallen. Het onderzoek laat tevens zien hoe belangrijk het is dat gezondheidsmedewerkers beter ondersteund worden, vooral als zij minder onderwijs ontvingen en werken in afgelegen gebieden waar de sterfte als gevolg van een longontsteking hoog is.

Een mogelijke oplossing voor uitstel van medische zorg

Om vertragingen in het bereiken van medische zorg te verkleinen, laat dit proefschrift zien dat het inzetten van mobiele telefoons, als een manier om de communicatie tussen zorgvrager en zorgverleners, alsmede tussen zorgverleners onderling te verbeteren, potentieel waardevol is. De betreffende literatuurstudie laat zien dat mobiele telefoons hoofdzakelijk worden gebruikt om een zorgvoorziening sneller te bereiken, bijvoorbeeld door het coördineren van transport. Ondanks dat goede communicatie de toegang tot medische zorg kan versnellen, blijven fundamentele uitdagingen, zoals de besluitvorming, organisatorische hiërarchieën, en grote geografische afstanden een belangrijke rol spelen. Er is echter ook nog onvoldoende inzicht is in de mogelijkheden en beperkingen van mHealth. In het verlengde wordt er binnen dit proefschrift onderzoek gedaan naar de impact van een gratis hotline en mobile messaging‐dienst op het zoekgedrag naar medische zorg. Het aanvankelijke doel was om verschillen in het effect van de interventie tussen een interventiegroep en controlegroep te onderzoeken. Maar omdat de applicatie onvoldoende werd gebruikt, werd dit doel helaas niet bereikt. Daarom werd het verschil onderzocht tussen degenen die de applicatie daadwerkelijk gebruikten en degenen die dat niet deden. Terwijl het gebruik van de applicatie ervoor zorgde dat meer zwangere vrouwen en moeders medische zorg gingen zoeken voor zichzelf, observeerden we een daling in het zoeken van medische zorg van moeders voor hun kinderen. Met name voor het zoeken van medische zorg voor kinderen met symptomen van een longontsteking, vonden we geen verschil tussen degenen die gebruik maakten van de applicatie en degenen die dat niet deden. Een mogelijke verklaring is dat moeders, na telefonisch overleg met de zorgverlener, in staat waren om hun kind thuis te behandelen. Ten slotte, omdat de belangstelling in mHealth toeneemt, onderzochten we de potentiële voordelen en de beperkingen van deze innovatie ten aanzien van SMS componenten. Het onderzoek was gericht op drie bestaande programma’s en is gebaseerd op een conceptueel kader dat de technische complexiteit van de programma’s beoordeelt. Ondanks de potentie, blijkt de belangrijkste uitdagingen binnen het bestaande programma dusdanig complex zijn dat mHealth – of dan wel het gebruik van SMS’jes – niet per se de oplossing is. De analyse laat ook zien dat het mogelijk is dat de complexiteit van het bestaande programma extra wordt vergroot door het toevoegen van een nieuwe laag van complexiteit, namelijk de complexiteit inherent aan mHealth zelf.