Interview Fazal Baboe, Huisarts op Sint Eustatius

Als ik Fazal bel, heeft hij net een Covid-19 stafmeeting, omdat er afgelopen week een aantal zieken met hoge verdenking zijn geweest en de vaccinatiegraad onder de bevolking nog laag is. De medische staf is opnieuw in hoge staat van paraatheid. Dus, we spreken elkaar pas de volgende dag.

Het echtpaar Baboe is in Suriname opgeleid als huisarts. Via Sint Maarten, waar Fazal als SEH-arts werkte, is hij gevraagd te komen waarnemen op Sint Eustatius voor 2 maanden. Inmiddels wonen en werken ze al 17 jaar op het eiland. Wat het werken zo boeiend maakt? Dat is de combinatie van huisartsenzorg, spoedzorg en het draaien van een klein ziekenhuis. Veel diagnostiek hebben de artsen tot hun beschikking. Er is een röntgenapparatuur en een echo, waar de huisartsen zelf mee kunnen werken. “Je bent hier huisarts plus”.

Echte spoedpatiënten worden in de ‘crashroom’ gezien, die goed uitgerust is. Daar wordt de patiënt gestabiliseerd en zo nodig wordt medisch transport geregeld. Overdag gebeurt dit met een klein vliegtuig en de avond/nacht of bij de grote spoed met de ‘chopper’, een helicopter die permanent beschikbaar is voor Sint Eustatius en Saba en op eiland staat. Zo wordt bij een mogelijk hartinfarct een ECG gemaakt en troponine bepaald, stuur je het ECG per mobiel door en overleg je daarna met de cardioloog op Sint Maarten. Geregeld zijn er dergelijke spoedgevallen. Onlangs moest de chopper ook ingezet worden op het eiland zelf. “Best bijzonder”, zo vertelt Fazal. “Tijdens een bergwandeling was iemand uit een groep onwel geworden. Het mobiele netwerk op het eiland is niet overal dekkend, maar gelukkig kon het ziekenhuis gealarmeerd worden. We hebben, om de patiënt te kunnen localiseren de chopper nodig gehad, terwijl ook een hulpteam de berg opklom. Misschien dat we in de toekomst hiervoor een drone kunnen inzetten.” Ook kunnen de artsen de ‘air ambulance’ van Bonaire inzetten, na overleg met de anesthesist van het Fundashon Mariadal ziekenhuis op Bonaire.

Verschillende specialisten doen het eiland geregeld aan vanuit Sint Maarten, zoals een cardioloog, uroloog, oogarts, orthopeed en dermatoloog. Op de ‘verlanglijst’ staan ook de internist en neuroloog. “Beter betaalbaar dan als de patiënten naar Sint Maarten moeten vliegen en natuurlijk ook patiëntvriendelijker”, zo noemt Fazal het. “Door de corona pandemie is het wel lastiger geworden om dit te organiseren en zijn we daarom ook ter aanvulling begonnen met videoconsulten, deels ook samen met één van de huisartsen bij het eerste gesprek.” Het eiland heeft oa enkele dialyse patiënten die wekelijks op en neer vliegen.

Preventie en public health op Sint Eustatius: de dubbelrol van Huisarts en GGD arts

St Eustatius (Statia) is een klein bergachtig eiland met een oppervlakte van 21km2 en een populatie rond de 3200 mensen.  Er zijn momenteel 5 huisartsen op Statia. Drie vaste huisartsen waarvan 1 fulltime werkzaam als huisarts, 1 huisarts die ook bij de GGD werkt en 1 huisarts die inmiddels gepensioneerd is maar nog wel een aantal verantwoordelijkheden heeft (obstetrie en ouderenzorg in het bejaardentehuis). De andere 2 huisartsen zijn waarnemers.  Elders in deze nieuwsbrief wordt er meer over de huisartsenzorg op Statia geschreven. Het leek ons interessant om een gesprek te hebben met de huisarts/ GGD arts, Sharda Baboe, omdat de meeste tropenartsen naast hun curatieve taken ook betrokken zijn bij preventieve zorg en public health activiteiten. 

Sharda werkt naast 2 dagen als huisarts, ook 3 dagen als GGD-arts. Ze werkt samen met Gerwin Schobbe die fulltime bij de GGD werkt. Ik had een gesprek met beiden over hun werk als GGD-artsen. Dit blijkt een grote uitdaging te zijn in tijden van corona en de corona perikelen hebben veel impact op de andere GGD-taken. Daarnaast proberen ze als GGD hun activiteiten uit te breiden om meer op één lijn te komen met de Nederlandse GGD. Sharda heeft haar geneeskunde- en huisartsopleiding in Suriname gedaan en woont en werkt inmiddels (samen met haar echtgenoot: de vaste fulltime huisarts) al 17 jaar op Statia. Binnen de GGD is ze is vooral actief op het consultatiebureau voor 1-4 jarigen (inclusief de vaccinaties en de hielprik voor de pasgeborenen) en de jeugdgezondheidszorg (waarbij vooral een verpleegkundige verantwoordelijk is voor het periodiek preventief schoolonderzoek). Ook reizigersadvies en bijkomende vaccinaties en het griepvaccinatie programma wordt door de GGD gedaan omdat zij de cold-chain beheer voor het eiland doen. 

Gerwin werkt inmiddels 6 jaar bij de GGD op Statia en is tevens hoofd van de GGD. Hij heeft zijn geneeskunde opleiding in Nederland gedaan en daar jaren als arts in de neurologie en psychiatrie gewerkt. Vanuit dat werk heeft hij veel affiniteit met preventie maar heeft geen specifieke public health achtergrond of training. Het GGD-team bestaat verder nog uit 2 verpleegkundigen (en wordt nu tijdelijk in verband met de covid situatie ondersteund door 3 extra  verpleegkundigen), 1 preventiemedewerker, 2 beleidsmedewerkers,  een administratief medewerker en 3 vector-controlers (die zich met vector controle bezighouden -denk aan Denque, Chinkungunya en Zika-, maar ook met voedsel- en waren-autoriteit taken).

De populatie op het eiland heeft te kampen met grote leefstijl gerelateerd gezondheidsbedreigingen. Uit de ‘Health Study Caribisch Nederland’, uitgevoerd in 2017, blijkt dat 37% van de populatie obesitas heeft, bijna 10% van de mensen aan DM 2 lijdt en ook hypertensie een groot gezondheidsrisico is (bij 10% van de 12 + populatie is ooit een hoge bloeddruk vastgesteld).  Het GGD team onder leiding van Gerwin en Sharda waren voor de corona pandemie volop bezig met het ontwikkelen van interventies om overgewicht en hypertensie terug te dringen. Met de hulp van de PAHO (Pan American Health Organization) is een programma voor smaaklessen op lagere scholen ontwikkeld: meer fruit en groente, minder zout en bewustwording van verborgen suikers. Ook is het team van de GGD een kookboek aan het ontwikkelen over lokale voeding met een gezondere bereiding. Daarnaast zijn ze bezig met het opzetten van een preventie kliniek om zowel primaire als secundaire preventie aan te bieden. Naast focus op leefstijl zijn ze ook bezig met het uitbreiden van het vaccinatieprogramma (maternale kinkhoest, meningokokken en pneumokokken vaccinaties) en het opstarten van screening voor baarmoederhalskanker. Graag zouden ze het team willen versterken met een diëtiste en een tweede preventie medewerker.

De preventie kliniek zou vorig jaar van start zijn gegaan als de corona uitbraak er niet was geweest. Daarnaast hebben ook de lopende programma’s zwaar te lijden onder de corona uitbraak en de daarmee samenhangende maatregelen. Een echte corona uitbraak zoals we kennen van Aruba en Curaçao heeft zich op St Eustatius niet voorgedaan. Enerzijds een zegen gezien de beperkingen van de medische zorg op het eiland, anderzijds een groot probleem voor het corona vaccinatieprogramma (moderna) dat in februari van start is gegaan. Er is een hardnekkige groep van antivaxers met veel invloed die verkondigen dat mensen die zich laten vaccineren 3-4 jaar later hieraan zullen overlijden. Ten tijde van het interview was rond 40% van de populatie boven de 18 jaar gevaccineerd in plaats van de beoogde >80%. Het motiveren van de mensen om zich te laten vaccineren vergt veel tijd en energie. Na 2 grote vaccinatiecampagnes in februari en maart is er nu wekelijks een vaccinatie kliniek waar mensen naar toe kunnen gaan.

De 2 artsen nemen deel aan de reguliere wekelijkse overleggen met het RIVM en de andere BES-CAS eilanden over het te voeren corona beleid en de Nederlandse regelgeving en richtlijnen in deze. Het eiland is een tijd gesloten geweest (behalve voor essentiële werkers en patiëntenzorg) en sinds begin april is het heropenen van het luchtruim gestart. Dit gaat in fases: inmiddels mogen alle mensen weer naar het eiland komen volgens de normale immigratieregels mits ze zich geregistreerd hebben voor ze op St Eustatius aankomen en ze voldoen aan de voorwaarden die gesteld zijn (te vinden op www.statiagovernment.com) inclusief een recente negatieve corona pcr test. 

Er komen inmiddels wekelijks zo’n 200 mensen per vliegtuig op het eiland aan (20% ivm medische indicatie waarvoor ze naar St-Maarten moesten gaan) en de vector controlers hebben de taak de binnenkomers te controleren. Mensen die nog niet volledig gevaccineerd zijn moeten 10 dagen in quarantaine en als mensen geen geschikte verblijfsplek hebben voor de quarantaine duur, dan regelt de GGD opvang in een quarantaine hotel. De wel volledig gevaccineerden mogen zich vrij over het eiland bewegen met wel het dringende advies mondkapjes te dragen en drukke locaties te mijden en worden na 5 dagen getest. Inmiddels kan dat voor deze groep met rapid tests op de centrale test locatie. Dit is logistiek een stuk eenvoudiger dan de eerder vereiste pcr testen die voor beoordeling naar St-Maarten gestuurd moesten worden. Alleen positieve sneltesten vereisen alsnog een controle pcr test maar sinds het gebruik van de sneltesten is dat nog niet nodig geweest. 

Gerwin: “Het leuke van het werk bij de GGD hier is de veelzijdigheid en de uitdaging. Dit is echter tegelijk ook het moeilijke: je moet op heel veel fronten kennis hebben en activiteiten ontplooien. Met zo’n crisis merk je dat je met een klein team minder capaciteit hebt om de reguliere activiteiten door te laten gaan naast alle nieuw acute taken”. Sharda: “We hebben afgelopen maanden heel goed als een team samengewerkt en met elkaar veel werk verzet, ook al moest een deel van het extra werk buiten de reguliere werktijden gedaan worden. We zijn hierdoor een hecht team geworden – dat is fijn. We hopen in juni verder te kunnen gaan met het opstarten en verder ontwikkelen van de preventie kliniek.”.  Gerwin: “We hebben een 15 jaren plan geschreven, maar het monitoren van de impact en de effectiviteit van het plan is nog een grote uitdaging”. Langzaam maar zeker lijkt er steeds meer tijd te komen voor het hervatten van de ‘normale’ GGD taken en het starten van de preventiekliniek.

Huisartsgeneeskunde op de BES-eilanden: laveren op het snijvlak van diverse gezondheidssystemen

Het kleine Bonaire, de B van de ABC eilanden, is op 10 oktober 2010 overgegaan van de Nederlandse Antillen naar de status van bijzondere gemeente van Nederland. Daardoor valt Bonaire officieel onder de Nederlandse wet- en regelgeving. De Nederlandse overheid heeft samen met het lokale bestuur, de gezaghebber en eilandsraad (burgemeester en wethouder), besloten het gelijktrekken van de voorheen van kracht zijnde Antilliaanse wet- en regelgeving met die van Europees Nederland geleidelijk te doen plaatsvinden. Vanwege het direct van kracht worden van de Zorgverzekeringswet en de aanspraken die daaruit volgen, stond de Nederlandse overheid voor een tour de force om het gezondheidszorgsysteem te hervormen naar Nederlands model; de huisarts als poortwachter met medisch specialistische zorg vanuit het kleine ziekenhuis Fundashon Mariadal in de hoofdstad Kralendijk. Met de toenmalige academische ziekenhuizen VUmc en AMC, nu Amsterdam UMC, is een samenwerking aangegaan voor de invulling van de noodzakelijke medisch specialismen.  Met medisch specialistische centra in Colombia, Aruba en later Curaçao zijn contracten afgesloten voor de zorgverlening die niet geleverd kan worden op Bonaire zoals o.a. interventie cardiologie. 

De rol van de eerstelijnsartsen is hierdoor flink veranderd. De aanvankelijk verantwoordelijkheid voor de zorgverlening vanuit de eerstelijnspraktijken en opnames in het kleine ziekenhuis tot aan medische uitzending in geval dat geïndiceerd was, werd teruggebracht naar de zorgverlening in de eerste lijn; voor een aantal van de artsen een teruggang in status. Daarbij werd van de voor het grootste deel niet als huisarts opgeleide artsen, verwacht dat zij de huisartsgeneeskunde gingen uitvoeren naar Nederlandse maatstaf en richtlijnen. Een inmiddels door de staf en opleiders van de Huisartsopleiding AMC uitgevoerd 4 jarig scholingsprogramma moest de artsen hierin ondersteunen en was voorwaarde voor de ontheffing om op Bonaire de huisartsenzorg te kunnen blijven uitoefenen. Hoe werkt dat nu in de praktijk; het Nederlandse zorgsysteem en richtlijnen op een eiland midden in de invloedsferen van zorgsystemen uit omringende landen in Latijns-Amerika en de Verenigde Staten?

Tijdens de uitvoering van het scholingsprogramma heb ik,  Kees van der Post, in maart 2019 besloten de huisartspraktijk in Badhoevedorp en mijn baan bij Huisartsopleiding Nederland in te ruilen voor een baan als huisarts in Centro Medical Central, onderdeel van Bonaire Medisch Centrum te Kralendijk, Bonaire. Een stap naar een multiculturele praktijk met een Papiamento, Spaans, Engels en Nederlands sprekende populatie. 

Tekstvak: “ Mijn zoontje heeft nu al 5 dagen hoge koorts en lijkt wat benauwd”. Het kind blijkt flink kortademig te zijn waarschijnlijk t.g.v. dubbelzijdige pneumonie en wordt opgenomen in het ziekenhuis. “ misschien heb ik nu toch wat lang gewacht” verzucht de Nederlandse moeder. 

“ Ik kom voor een echo van de heupen van mijn zoontje”. Bij lichamelijk onderzoek vindt ik hiervoor geen indicatie. De moeder is het duidelijk niet met mij eens. “In Colombia worden alle pasgeborenen met een echo onderzocht op heupafwijkingen”. 

“ Geen antibiotica?!” De Amerikaanse moeder kijkt me zeer verbaasd aan. Haar dochter heeft toch een schaafwond buiten opgelopen; “dat gaat toch ontsteken! Mevrouw laat een rijk gevulde tas zien met daarin allerlei medicijnen waaronder diverse soorten antibiotica.

“Ik wil graag deze medicijnen die ik in Dominicaanse Republiek van de specialist heb gekregen. Sindsdien heb ik geen last meer van nierstenen”. Het medicijn blijkt een volstrekt onbekende samenstelling van allerlei medicijnen met kruidenextracten. Niet leverbaar hier.

Als Nederlandse huisarts ben ik gewend om in de dagelijkse praktijk mijn handelen te baseren op wetenschappelijk onderbouwde richtlijnen zoals de NHG- standaarden. Dat Evidence-based medicine (EBM) meer is dan medisch handelen volgens het beste beschikbare wetenschappelijke bewijs, is ook in Nederland al enige tijd onderwerp van discussie en herbezinning. In de oorspronkelijke definitie van David Sacket is EBM het integreren in de patiëntenzorg van de klinische ervaring van de medicus, de verwachtingen en waarden van de patiënt met het best beschikbare wetenschappelijk bewijs.

De populatie van Bonaire bestaat anno 2021 voor ongeveer 40% uit op het eiland geboren Bonairianen, voor 30 % uit bewoners uit omringde Latijns-Amerikaanse landen ( Colombia, Peru, Venezuela) en voor 30% uit Nederlanders, Amerikanen en andere Westerse groepen. Een populatie die al decennia lang gewend is om hun zorg te krijgen hetzij van zorgverleners  met een diverse opleidingsachtergrond of van zorgverleners in het land van herkomst of  het land waarnaar toe men uitgezonden wordt voor verdere medische behandeling. Landen waar medici vaak gewend zijn om de patiënt een groot aantal  aanvullende onderzoeken ( echo, CT/MRI scans, scopieën) te laten ondergaan voordat tot een diagnose gekomen wordt. Meestal gevolgd door het voorschrijven van een flink aantal medicijnen. Op Bonaire komt een groot scala aan medische wetenschappelijke en niet-wetenschappelijke richtlijnen, gewoonten, ervaringen en geloven samen. Een grote uitdaging voor de in Nederland opgeleide huisarts om het handelen te blijven baseren op EBM huisartsgeneeskundige richtlijnen met een gepast gebruik van aanvullend onderzoek en medicijnen. Op naar het volgende consult met “ Ik wil graag een volledig onderzoek van alles”. 

Project 4theBESt afgerond

Begin 2016 werd onder leiding van Bas Baaten begonnen met de uitvoering van het ‘Geïntegreerd Scholingsplan Versterking Huisartsenzorg Bonaïre, Sint Eustachius en Saba’ kortweg 4theBESt. Eind 2020 is het project afgerond. Een gesprek over doelstellingen, afstand, verbinding, orkanen en resultaten. Lees verder in het onderstaande artikel

19 Mei World Family Doctor Day

World Family Doctor Day (FDD) – 19th May – was first declared by WONCA in 2010 and it has become a day to highlight the role and contribution of family doctors and primary care teams in healthcare systems around the world.  

This celebration is the perfect opportunity to acknowledge the central role of Family Doctors in the delivery of personal, comprehensive and continuing health care for all patients. It’s also a chance to celebrate the progress being made in family medicine and the special contributions of primary care teams globally.

We are now thrilled to announce this year’s theme: Building the Future with Family Doctors!

Our 2021 theme, aligned with the Year of the Health and Care Workers 2021 declared by the World Health Organization (WHO), is based on four fundamental pillars with key elements to move forward and overcome the challenges towards a better future. 

Read more at the Wonca site: https://www.globalfamilydoctor.com/member/ForMemberOrganizations/WorldFamilyDoctorDay

#SOSMoria: ‘De hoop op verbetering in vluchtelingenkampen is de kop ingedrukt’

Bron: Medisch Contact 29 april 2021

Een jaar geleden kregen gynaecoloog Sanne van der Kooij
en huisarts Steven van de Vijver veel bijval met hun oproep #SOSMoria over de inhumane situatie in het vluchtelingenkamp op Lesbos. Maar: ‘Tot nu toe zijn er welgeteld twee kinderen naar Nederland gehaald.’

Lees hier het volledige artikel

WHIG Webinar 19 mei “Hemoglobinopathieën bij de huisarts: bloedserieus?!”

met Associate Professoren Isa Houwink & Kees Harteveld (LUMC) en voorzitter van patiëntenvereniging Oscar, Elmas Citak

Beste collega,

Na een succesvolle eerste WHIG webinar op 10-3-2021 is het op 19-5-2021 tijd voor de volgende! Van 20.00u -21:30u zullen Isa Houwink en Kees Harteveld, beiden associate professor aan het LUMC, een interactief webinar geven met als onderwerp: 

Hemoglobinopathieen bij de huisarts: bloedserieus?!”

Door het stijgen van de migrantenpopulatie in Nederland en met name in de grote steden, komt de huisarts steeds vaker met hemoglobinopathieën in aanraking.
Bij patiënten met hemoglobinopathieën, die bijvoorbeeld lijden aan sikkelcelziekte, HbH-ziekte of alfa/bèta-thalassemie, is er door een afwijkend hemoglobine sprake van anemie, waarbij de klachten kunnen variëren van mild tot zeer ernstig. Hoewel dragers van hemoglobinopathieën zelf geen klachten hoeven te ervaren, lopen zij risico om een ernstig ziek kind te krijgen. Het is daarom belangrijk om ook dragers van hemoglobinopathieën tijdig op te sporen en hun de mogelijkheid tot preconceptionele diagnostiek te bieden.

Om patiënten/dragers te leren herkennen en door te verwijzen (voor diagnostiek), doen huisartsen in deze praktijkgerichte en interactieve nascholing kennis op over hemoglobinopathieën en oefenen zij met casuïstiek. Daarbij worden ook bijbehorende ethische dilemma’s en psychosociale aspecten besproken.

De sprekers:
Isa Houwink werkt momenteel als associate professor (Genetica in de eerste lijn) bij het Leids Universitair Medisch Centrum en als huisarts in Kerkrade. Ook is ze als hoofddocent (farmaco) genetica werkzaam bij Huisartsopleiding Nederland.
Kees Harteveld is werkzaam als associate professor (Laboratorium voor Diagnostische Genoom Analyse) bij het Leids Universitair Medisch Centrum. Hij doet hier onderzoek en diagnostiek naar hemoglobinopathieën (thalassemie en sikkelcelanemie), hoofdverantwoordelijke voor het Hb-pathie referentie lab. Tevens geeft hij onderwijs aan studierichting geneeskunde en biomedische wetenschappen UL, onderzoek, innovatie en diagnostiek t.b.v. Hb-pathieën.
Elmas Citak is voorzitter van OSCAR, de patiëntenorganisatie voor dragers en patiënten met sikkelcelziekte en thalassemie.
Accreditatie is aangevraagd.

De kosten voor dit webinar bedragen 15 euro.

Om u in te schrijven klik hier!  

We hopen jullie online te zien op 19 mei!
Groeten namens de WHIG symposiumcommissie,

Maarten Borg, Sylvia Mennink, Eline Dekker

Overlijden van Patrick Chege

Zojuist het droeve en schokkende nieuws ontvangen van het overlijden van Dr. Patrick Chege, Family Physician van het eerste uur en eerste Keniaanse Head of FM Department in Moi-University in Eldoret. Hij overleed aan de gevolgen van Corona. Een bijkomend tragische gebeurtenis is dat vandaag Chege’s moeder is begraven. 
Namens de WHIG condoleren wij familie, vrienden en collegae.
Chege was de eerste huisarts opgeleid in Kenya en hij is hier met de aanwas aan FPs op een workshop van de KAFP in Eldoret 2011.
Chege op de voorste rij achter de zwarte tas.

MANIFEST VOOR MEER MEDEMENSELIJKHEID

door Steven van de Vijver

Wij – artsen – hebben een eed afgelegd, waarin we beloven medische zorg te verlenen aan ieder individu. Mensen in medische nood kunnen rekenen op onze inzet; wat je ook gelooft, wie je ook liefhebt, waar je ook vandaan komt, welke kleur je huid ook heeft. Dat wij machteloos moeten toezien hoe mensen in vluchtelingenkampen in ons rijke Europa aan hun lot worden overgelaten, is in het licht van diezelfde eed onverteerbaar. We weten dat er elke dag mensen in extreme omstandigheden fysiek en mentaal beschadigd worden door onze bewuste verwaarlozing. 

Wij geloven dat veruit de meeste Nederlanders – net als wij – vinden dat dit onacceptabel is. Wij geloven dat ons land tot meer barmhartigheid en medemenselijkheid in staat is dan de Haagse debatten en besluitvorming doen vermoeden. Maar wij zien ook dat veel Nederlanders zelf grote zorgen hebben. Over woonruimte. Over schulden. Over inkomen. Hoe rijk ons land ook is, een grote groep mensen merkt er te weinig van. En zo lukt het kwaadwillenden om al die verschillende mensen tegen elkaar op te zetten. De ene mens in nood tegen de andere. Kwetsbaren pakken tijdens deze Corona-crisis ‘onze’ vrijheid af. Vluchtelingen pakken onze huizen af. Bijstandsgerechtigden ons geld. Wij geloven dat we beter zijn dan dat. Wij geloven dat de toeslagenaffaire, het groeiend aantal daklozen, het leed in de jeugdzorg en de GGZ en het wegkijken van de medemens op de vlucht allemaal uitwassen zijn van hetzelfde, kille beleid. En wij geloven dat we met die kilheid moeten afrekenen, niet met elkaar.

In maart vorig jaar deden wij een noodoproep: SOSMoria, maak een einde aan de humanitaire ramp op de Griiekse eilanden. Het kabinet gaf geen gehoor. We vroegen samen met heel veel andere Nederlanders dan tenminste vijfhonderd alleenreizende minderjarigen op te nemen. Het kabinet zei nee. Na een verwoestende brand in vluchtelingenkamp Moria mochten honderd kwetsbaren komen  – die werden overigens afgetrokken van een ander ‘vluchtelingenquotum’ – onder wie 50 kinderen. Slechts twee van die kinderen zijn vijf maanden later in Nederland.“Rot op naar je eigen land.” “Omvolking.” “Linkse hobby.” “Tuig.” “Normaal doen”. De taal die alle dagen resoneert, vervreemdt ons van elkaar. We denken misschien dat die woorden alleen ‘de ander’ treffen. Maar maken we onszelf niet minder mens, door ‘de ander’ minder mens te maken?

We staan aan de vooravond van de verkiezingen. Een moment waarop we de mogelijkheid hebben om een andere richting in te slaan. Een moment waarop wij onze politici – of je nu PvdA, D66, CDA of VVD stemt – kunnen herinneren aan wie wij als samenleving willen zijn. Een moment om luidruchtig reclame te maken voor medemenselijkheid. Zorgen voor elkaar… Dat is in ons land toch geen links-rechts-discussie? Laten we elkaar beloven dat compassie, medemenselijkheid en zorg dragen voor elkaar, onze gedeelde basiswaarden zijn. En laten we onze politici oproepen die belofte met ons te doen.

#IkBeloof #SaveOurSouls
#SOSMoria